| © Alain Janssens
L'ossature en acier existante a été maintenue et renforcée pour résister aux charges d'exploitation induites par le nouveau programme. | © Alain Janssens
| © Alain Janssens
Tijdens de werf heeft de aannemer spontaan voorgesteld deze onderlaag in arduinsteen te demonteren om ze elders in het project opnieuw te gebruiken. De aanpak van de architecten sijpelde dus door naar de andere betrokkenen bij het project. | © Atelier d'Architecture Alain Richard
Demontage van de balken in gelijmd-gelamelleerd hout. | © Atelier d'Architecture Alain Richard
De balken in gelijmd-gelamelleerd hout werden door een plaatselijke ambachtsman omgevormd tot meubilair voor het project. | © Atelier d'Architecture Alain Richard
Tijdens de werf is gebleken dat de oorspronkelijke vloer te ernstig beschadigd was om te kunnen worden gerecupereerd. | © Atelier d'Architecture Alain Richard
Schets voor versteviging van de bestaande structuren door de toevoeging van bijkomende profielijzers. | © Atelier d'Architecture Alain Richard

Espace 16 Arts

Tactieken voor hergebruik ter plaatse en voor behoud van het bestaande

Type
In situ
Type opdracht
publiek
Jaar
2011
Uitvoering
Jacques Delens sa
Ontwerp
Atelier d'architecture Alain Richard
Opdrachtgever
Service public fédéral Mobilité et Transports
Adres
Rue Rossini, 14-18
1070 Anderlecht
Belgique
50° 50' 19.1364" N, 4° 19' 50.5236" E
Export
PDF

Hergebruikmaterialen en hoeveelheden

- Vloerbalken ter plaatse: 80 m
- Balken in gelijmd-gelamelleerd hout: 16 stuks van 40 x 10 x 480 cm
- Onderlaag in arduinsteen: 3,2 m²
- Kindbalken (ter beschikking gesteld door de eigenaar van het gebouw): 600 m

Het project

Demontage van de materialen met het oog op hergebruik ter plaatse is een interessante strategie, want hierdoor wordt het aantal verplaatsingen van grondstoffen beperkt. Deze methode heeft evenwel een aantal gevolgen. Ten eerste moeten de architecten en de aannemers in dit geval de opslag en de hermontage van de materialen op zich nemen – terwijl men door te werken via de gebruikelijke hergebruikketens een beroep kan doen op de deskundigheid van aannemers die gespecialiseerd zijn op dit gebied. Maar bij recuperatie in situ moet de logistiek van de werf het dus mogelijk maken de herbruikbare elementen op te slaan.

Bij het project van Espace 16’Arts, een cultureel centrum in Brussel, werd de aanpak voor hergebruik ter plaatse die de architecten voorstelden, goed onthaald door de anderen die bij het project betrokken waren. Zo konden talloze materialen in dit gebouw worden gevaloriseerd.

Een kort overzicht.

Bij de start van het proces hebben de ontwerpers van Atelier d’Architecture Alain Richard de herbruikbare materialen waarrond ze het renovatieproject hebben opgebouwd geïdentificeerd. Dan hebben ze de voorschriften in het bestek zo geformuleerd, dat er aan de aannemer gevraagd werd deze elementen zorgvuldig te demonteren. De herbruikbare materialen konden worden opgeslagen in een deel van het gebouw waar geen werken werden uitgevoerd.

Aannemer J. Delens, die ook aan het project meewerkte, kwam zelf met een aantal nieuwe mogelijkheden voor hergebruik tijdens de werf. Zo stelde hij voor de onderlagen in arduinsteen te recupereren; ze werden elders in het project opnieuw gebruikt.

Daarnaast werden balken in gelijmd-gelamelleerd hout door een plaatselijke ambachtsman omgevormd tot banken voor de sportzaal en de foyer van het gebouw. Aangezien deze balken werden gebruikt voor niet-structurele doeleinden, hoefde men geen rekening te houden met hun prestaties. Voor structuurelementen toepassingen vinden waarvoor minder strenge eisen gelden is een manier om deze kwaliteitsmaterialen ondanks steeds strengere regelgeving toch opnieuw te gebruiken: dit is het principe van cascading.

In dit project gaan de strategieën voor hergebruik hand in hand met de principes van behoud van het bestaande. Een groot deel van de oorspronkelijke stalen structuur bleef in het nieuwe project behouden. Om ervoor te zorgen dat de balken bestand zijn tegen de nieuwe exploitatiebelastingen, werd in samenspraak met de ingenieurs een elegante oplossing bedacht: onder de bestaande balken werden kleine profielijzers bevestigd om hun inertie te vergroten, terwijl de bestaande elementen behouden bleven.

Het project 16’Arts toont aan dat de grens tussen renovatie en hergebruik vrij dun is. In beide gevallen is een aanpak op maat nodig om de materiële en culturele eigenschappen van de bestaande materialen en ruimtes te behouden.

Werken met hergebruik betekent dat de betrokkenen bij de bouw (bouwheer, architect, aannemer) het hoofd moeten kunnen bieden aan eventuele verrassingen die tijdens de werf opduiken. De vloeren in dit project zijn hiervan een mooi voorbeeld. De architecten waren oorspronkelijk van plan de bestaande vloer opnieuw te gebruiken. Maar hij kon niet volledig worden onderzocht voordat de werf begon omdat hij bedekt was met meerdere lagen spaanplaat. Tijdens de werf is gebleken dat veel van de oorspronkelijke vloerlatten in zeer slechte staat waren, waardoor ze niet konden worden hergebruikt.

Ook andere, toevallige elementen kunnen de oorspronkelijke intenties dwarsbomen. In dit geval kreeg de werf te maken met waterschade, waarbij de bestaande traparmen werden beschadigd. Uiteindelijk moesten ze dan ook worden vervangen door nieuwe traparmen.